Engel IB144 Manuale Utente Pagina 278

  • Scaricare
  • Aggiungi ai miei manuali
  • Stampa
  • Pagina
    / 440
  • Indice
  • SEGNALIBRI
  • Valutato. / 5. Basato su recensioni clienti
Vedere la pagina 277
230
Het proza van J.P. Heije.
Het bevreemdde mij, toen ik den uitslag van het Spectator-plebisciet las, dat Dr.
J.P. Heije niet eens voorkwam onder de dichters en schrijvers, die op meer dan 5
personen indruk hadden gemaakt, terwijl het geschrift ‘Akbar’ van Van Limburg
Brouwer de toejuiching van 51 Spectator-lezers ontving. Nu weet ik wel, dat een
dergelijk plebisciet noodzakelijk tot scheeve uitkomsten moet leiden, en dus als
maatstaf voor de beteekenis onzer vroegere en tegenwoordige schrijvers en dichters
volkomen onbetrouwbaar is, - maar toch verwonderde het mij, dat een man, die met
een buitengewoon talent en zeldzaam voorkomende zelfverloochening den geest
zijns volks heeft trachten te bewerken, onder de Spectator-lezers zich zoo weinig
vrienden en geestverwanten heeft verworven. Zijn Heije's
Volksdichten
,
Stichtelijke
Liederen
en
Kinderliederen
dan nu reeds door de meesten vergeten? Dat kan toch
niet zijn! Het komt mij dan ook voor, dat, indien het plebisciet in minder beperkten
kring ware uitgeschreven, b.v. voor de lezers van ‘Het Nieuws v.d. Dag’ het resultaat
geheel anders zou zijn geweest; dat dan zou gebleken zijn, dat Dr. Heije, die van
1830-76 het zaad van kennis en beschaving, van kunst en menschenmin met zoo
milde hand uitstrooide, niet te vergeefs heeft gearbeid.
Ik wensch hier uitsluitend te spreken over het eigenaardig
proza
, waarin de dichter
Heije gedurende bijna een halve eeuw zijn volk heeft toegesproken. Hij deed dit
reeds op 21jarigen leeftijd, toen hij, als Leidsch student, gehoor gevende aan de
roepstem van Koning Willem I, de wapenen opvatte om onze geschonden nationale
eer te helpen wreken. Hij deed dit, nadat hij zich in 1832 te Amsterdam als arts
gevestigd had, toen hij met Drost, Bakhuizen v.d. Brink en Potgieter op het gebied
der maatschappelijke begrippen en der letteren nieuw leven trachtte te wekken door
de uitgave van ‘De Gids’. Hij deed dit als een der voornaamste medewerkers van
‘den Geneeskundigen Kring’, toen hij met de hoogleeraren Schneevoogt en Van
Geuns de noodige en belangrijke hervormingen der ‘Geneeskundige Wet’
voorbereidde, waarbij hij vooral ijverde voor eene betere armverzorging. Als lid van
het Hoofdbestuur der ‘Maatschappij tot Nut van 't Algemeen’ (1844-1860) streed hij
met succes voor de verbreiding van het onderwijs in de gymnastiek. Als Secretaris
van de ‘Maatschappij van Toonkunst’ maakte hij met Wilh. Smits het zangonderwijs
tot eene volkszaak. Gedurende zijne tien laatste levensjaren
Taal en Letteren. Jaargang 2
Vedere la pagina 277
1 2 ... 273 274 275 276 277 278 279 280 281 282 283 ... 439 440

Commenti su questo manuale

Nessun commento